Friday, November 19, 2004

De zeven hoofdzonden volgens... China

De zeven hoofdzonden volgens... China

We ontmoeten elkaar op straat, waar een groot deel van het Chinese leven zich afspeelt. Zoals steeds als er wat te doen is, troept een enorme hoop mensen samen.
Het valt niet mee om 1.3 miljard mensen tegelijk te interviewen. Toch stellen zich niet al teveel organisatorische of communicatieve problemen: de Chinezen houden van harmonie en eensgezindheid. In zoverre men ze uitspreekt, worden dissidente gedachten genegeerd of de kop ingedrukt. Het is overigens al economische praat ('China is a developing country!') wat de klok slaat.

Jullie zijn met zoveel, ik vraag me af of zeven hoofdzonden wel genoeg is.
China: Dat lijstje van hoofdzonden dateert van de Europese middeleeuwen en is uitgevonden door de katholieke kerk. Een tang op een varken dus, maar het is goed voor een keer. Details interesseren ons niet, we willen niet moeilijk doen.

Ijdelheid
Onlangs werd in de Belgische kranten bericht over hoe vele Chinezen zich laten verbouwen om meer op westerlingen te lijken. Ijdeler in beide betekenissen van het woord kan een mens niet zijn: een onbereikbaar schoonheidsideaal.
Tja, wie klimt in de maatschappij wil ook mooier worden. En de westerse supersterren zijn ook onze supersterren. Omgekeerd is dat anders: behalve een enkeling zoals basketbalspeler Yao Ming of actrice Zhang Ziyi (Crouching Tiger Hidden Dragon, nvdr.) zijn de meeste Chinese beroemdheden niet gekend buiten China. Maar David Beckham, Michael Jackson, Tom Cruise en co zijn ook in China godheden. Dus verafgoden ook wij die westerse gezichten. Al is Michael Jackson in dezen misschien niet zo'n goed voorbeeld (lacht).
In hoeverre getuigen de reusachtige doelstellingen die het land zich stelt van ijdele hoogmoed?
China heeft enorme ambities, gesteund door een ongebreideld optimisme dat ons voortstuwt en soms de problemen niet doet inzien. Iedereen ziet het als haar/zijn persoonlijke verantwoordelijkheid het land mee te helpen opbouwen.
Is China klaar voor de Spelen?
Elke dag komt 2008 in het nieuws, elke dag! Iedereen praat erover, er zijn voortdurend conferenties of plechtige aankondigingen, de vijf ringen zijn overal te zien, pleinen en straten en stadia in heel het land krijgen het epitheton Olympisch... We zijn geobsedeerd. Met de Spelen willen we definitief het verleden van ons afschudden en de wereld verwelkomen. Maar het is natuurlijk een gigantische uitdaging, alleen al om de enorme corruptie het hoofd te bieden.
Er wordt misschien veel over gesproken, maar de informatie is wel gefilterd. Hoeveel mensen weten bijvoorbeeld dat enkele eeuwenoude plaatsjes in Beijing moesten verdwijnen voor nieuwe stadia?
We hebben het hier over een reusachtige organisatie die een belangrijke impact heeft op het leven van miljoenen en miljoenen mensen. Dat brengt uiteraard problemen en dilemma's met zich mee. Het zou inderdaad van hoogmoed getuigen daar blind voor te blijven. Toch twijfelt niemand aan het nut van de Spelen en de triomf die ze ons zullen brengen.

Lust
Van de homo sexualis valt in China niet veel te merken.
Behalve een enkele seksshop lijkt het inderdaad alsof de Chinezen aseksuele wezens zijn, maar een bezoek aan een doorsnee dvd-winkel zal volstaan om je van het tegendeel te overtuigen. Seksualiteit is hier meer dan elders een priveaangelegenheid, al kan je ook in China altijd wel ergens je geld kwijt in ruil voor wat kortstondig plezier.
Een witte bruidsjurk is hier nog gerechtvaardigd.
Onze jeugd is vergeleken met Amerikaanse of Europese jongeren inderdaad erg onschuldig. Dat willen we graag zo houden. Als we een buitenlandse film tonen met een scene die ons niet bevalt, knippen we die er gewoon uit. Hier betekent het huwelijk nog iets. Levenslange liefde en echtelijke trouw krijgen hier nog een kans; onze levens zijn nog niet zo leeg dat we allemaal als seksjunks ronddolen op zoek naar nieuwe kicks.

Nijd
We hebben jarenlang moeten toezien hoe ons land sukkelde op economisch gebied. Nu we eindelijk volop uit de startblokken zijn geschoten, willen we geen tijd verspillen met afgunstig naar het Westen te kijken.
Maar het Westen is wel het grote voorbeeld.
Wat betreft levensstandaard wel, ja. Jullie zijn allemaal rijk en sterk en mooi, zoals we op tv zien.
Ook intern hebben we niet veel last van jaloezie. Het is waar, Beijing krijgt onredelijk veel geld toegestopt; de stad moet er mooi uitzien tegen 2008. Maar wat zouden mensen in andere steden zich daaraan storen? Om te beginnen zijn ook alle andere steden volop aan het groeien en ten tweede: Beijing is de hoofdstad van alle Chinezen en de Spelen zijn goed voor iedereen. Maar er zijn ook enorme verschillen tussen plattelanders en stedelingen.
Dat is waar. Daarom groeien de steden zo sterk: veertig procent van de Chinezen woont vandaag in de stad, in 1990 was dat nog 27 procent. Toch moet het platteland niet wanhopen. Al die grote steden moeten gevoed worden, zodat de regering geen andere keuze heeft dan het platteland te koesteren. We mogen voor onze bevoorrading niet nog meer afhankelijk worden van het buitenland dan we nu al zijn.
En dan heb je nog de spanningen tussen de Han-meerderheid en de vele minderheden, die de Han-Chinezen ervan beschuldigen hen systematisch achter te stellen.
Kijk, een vogeltje.

Woede
Beminnelijk als ze zijn, moet er toch ook onder de Chinezen wrok bestaan.
Alle Chinezen zijn boos op de Japanners omdat die hun fouten uit het verleden nog steeds niet willen toegeven en tegenover de Japanse jeugd regelrecht aan geschiedvervalsing doen. De Duitse regering heeft zich al lang geleden verontschuldigd en wordt nu zelfs uitgenodigd op herdenkingsplechtigheden. Maar vraag in Japan naar de slachting van Nanjing, en niemand weet waarover je het hebt.
Kan men niet dezelfde opmerking maken over de wreedheden die Chinezen in meer recente tijden elkaar aangedaan hebben?
Je zal een Chinees niet snel betrappen op historische kritiek. Wij denken alsvolgt: het heeft geen zin over nare ervaringen te praten. Daarmee is niemand gebaat. Laten wij nu maar hard werken aan onze toekomst.
Waarmee we bij de volgende zonde komen:

Gulzigheid
China groeit razendsnel. De wereldmarkt wordt overspoeld met Chinese producten, jobs verdwijnen in het Westen, China zoekt koortsachtig naar meer grondstoffen. Waar en wanneer houdt het op?
Wat westerlingen de Chinese gulzigheid noemen, is niets anders dan dat we proberen onze welvaart tot op westers niveau te brengen. Je moet niet vergeten dat wij ongeveer een vierde van de wereldbevolking uitmaken. Het is dan ook logisch dat wij onze plaats opeisen in de globale economie.
Heel wat mensen zijn bang voor de ecologische en sociale gevolgen.
Niets of niemand heeft het recht ons de welvaart die het Westen heeft, te ontzeggen. Bovendien is het niet aan China, een land dat nog volop in ontwikkeling is, om het goede voorbeeld te geven. Jullie, reeds lang rijk en ontwikkeld en enthousiast vervuilend, moeten hier de eerste stap zetten. Maar dat houdt ons niet tegen om inderdaad bezorgd te zijn over de vervuiling. We doen ons best. Onlangs nog schrapte de regering een groots energieproject omdat wetenschappers zich zorgen maakten over de impact op het milieu.
En wat betreft de sociale gevolgen?
Nogmaals: China is nog volop in ontwikkeling. Dat lost zich in de toekomst wel op. Bij jullie was het toch ook niet voortdurend feest in de negentiende eeuw? Wij worden er eerlijk gezegd een beetje kregelig van steeds met de vinger te worden gewezen.
Zijn mensenrechten dan zo duur?
Ja en neen. Iemand niet slaan in plaats van haar/hem wel te slaan kost inderdaad geen geld. Dat klopt. Maar eerlijke lonen, degelijke arbeidsomstandigheden, werkloosheidsuitkeringen en dergelijke kosten wel geld en daar werken we aan. Maar luister eens (windt zich op), wie koopt de kleren in die zo verfoeide sweatshops? Dat zijn jullie toch, in Amerika en Europa?
Er is ook nog...
Jaja, de vrije meningsuiting, politiek enzovoort. Luister, deze samenleving verandert aan een razend tempo. We moeten het land niet in gevaar brengen door alles tegelijk te willen oplossen. Een van de nare zaken uit het verleden die we wel hebben onthouden, is dat alles tegelijk en revolutionair willen veranderen enkel meer problemen brengt. Een bekend Chinees spreekwoord gaat alsvolgt: pluk de bloem als het tijd is om ze te plukken.

Traagheid
Vreselijke zonde. Wij werken als mieren om een goed leven op te bouwen voor onszelf en onze kinderen. Het is absoluut onbegrijpelijk dat sommigen hier geen boodschap aan hebben.
Toch ergeren nogal wat westerlingen zich aan de nonchalante manier van zakendoen in China.
Wij jagen ons niet op, maar we werken wel hard. En het 'gebrek aan initiatief' dat ons soms wordt verweten, kan ook omschreven worden als respect voor de hierarchie in het bedrijf.
De meeste Chinezen lijken niet geweldig geboeid door politiek. De andersglobaliseringsbeweging bijvoorbeeld, die oproept om op een nieuwe manier aan politiek te doen, is in China niet gekend.
Maar wij zijn andersglobalisten! Je kan onze manier van aan politiek doen toch niet op een lijn stellen met die van andere grootmachten?
(stil)
Krijg nu het heen en weer! Gaan wij andere landen bezetten? Hebben wij Afrika in de chaos gestort? Zijn wij verantwoordelijk voor het terrorisme? We proberen onze binnenlandse problemen discreet op te lossen. Je mag niet vergeten dat wij meer binnenland hebben dan welk ander land dan ook –wat aantal mensen betreft- maar we vallen met onze eigen problemen de rest van de wereld niet voortdurend lastig. Een voorbeeld: als de Amerikanen zich er niet mee zouden moeien, zouden we het probleem met Taiwan sneller kunnen ontmijnen.

Hebzucht
Andersglobalisering betekent ook dat je kritiek hebt op spilzucht en op teveel en te rijk.
Die kritiek komt meestal van westerlingen die alles hebben wat ze zich maar kunnen inbeelden. Het is voor een land dat zich nog volop uit de klei aan het trekken is een vreemde waarschuwing: let op dat je niet te rijk en te dik en te lui wordt.
Kennis is erg gegeerd in China. Het aantal uren dat sommige Chinese studenten kloppen, klinkt waanzinnig in de oren van westerse studenten. Toch blijven Chinese leerkrachten zwaar onderbetaald.
Wat betreft leerkrachten is de Chinese regering net als alle andere: zeggen dat ze van onschatbare waarde zijn maar een miezerig loon betalen. (bulderlach) Grapje! Neen, wat je zegt, klopt niet. De lonen van leerkrachten zijn al jarenlang stijgend. En wie op dit moment nog weinig verdient, weet dat de toekomst beterschap zal brengen; we beseffen heel goed dat ons land vol mogelijkheden is voor wie hard wil werken. Het zou dwaasheid zijn zo'n kans te laten liggen.
Allen naar China dus. Bedankt voor dit gesprek.

bb