Monday, November 14, 2005

in cirkeltjes

Mijn comeback op de arbeidsmarkt leverde vanochtend alvast volgend zinnetje op. Uit de mond van mijn collega-kuisvrouw: ‘Schoonmaakpersoneel verdient ook respect, we zijn tenslotte geen negers.’
Daar zie. En aan de overkant van de tafel zat de allochtone werkneemster in haar potje yoghurt te zwijgen.

’t Was een kunstacademie, de studenten zagen er allemaal erg sympathiek uit. Er hing echt een leuk sfeertje in die school. Alle muren waren volgeklad met stukjes poëzie. ‘Ze noemen dat kunst,’ snoof mijn collega, ‘maar als je de toiletten ziet, zijn het toch ook maar varkens.’ De toiletten grenzen aan het Baudelopark, naar het schijnt komen zich daar regelmatig vagebonden wassen. Ik vind er enkele halflege flessen wijn, maar die dienen niet om je mee te wassen.
Nog iets over die studenten: al die kleurtjes en haarstijlen en gemengde geslachten maakten wel vrolijk. En de meesten knikten ook aardig goeiemorgen terwijl ik in hun gang over mijn bezem gebogen stond. Terwijl dat soort mensen toch vaak onzichtbaar is, nee? Schoonmaakpersoneel: een stukje van een decor waar je nooit lang blijft, de luchthaventerminal, op straat of in een gang. We lopen hen altijd voorbij, staan er nooit bij stil.

Een vreemde dag: ik was zo verkouden dat mijn neus aanvoelde als de Welriekende Dreef op een dag met veel verkeersongevallen. Maar vanavond ging ik lopen, ik had besloten dat ik daarna ofwel helemaal genezen ofwel ongeneeslijk ziek zou zijn. Mijn rondjes draaiend voelde ik me een beetje als Rocky, alleen had ik een flinke snottebel in plaats van The Eye of the Tiger.
We zullen morgen wel zien of ik nog leef.

Maar ik ben rond de pot aan het draaien; ik zal het hier ook nog maar eens zeggen om het omgekeerde helemaal onomkeerbaar te maken: ik ga dus toch niet terug naar China.
Die had je vast niet zien komen. Ik ook niet eigenlijk. Het nieuwe besluit kwam er na nog zoveel getwijfel en, om eerlijk te zijn, gezeik mijnentwege.
België is geen kwade plaats om in te wonen. Je vindt er bijvoorbeeld mattentaartjes. En Brussel. En nonkels om te interviewen en vrienden die mijn huis komen verven -ik doop hen CD&V: Comité ter Decoratie en Verfraaiing- want dat was mijn verjaardagscadeau, en frieten in puntzak en genoeg zakdoeken en hopelijk ook werk. En misschien vergeet ik zelfs nog iets.

D’r is veel folie circulaire bij, maar het voelt allemaal juist, zoiets lucht wel op.