schoenen
Die Hugo Claus is een echte magiër. Wanneer ik begin te lezen in ‘De Metsiers’, ligt Nederland onder een laagje sneeuw: het terras voor het raam, de auto, de struiken en de bomen, de hele wei en zelfs de rug van het paard, overal ligt sneeuw. Wanneer ik terug opkijk uit het boek is het paard weer helemaal paard, de weide groen, de sneeuw verdwenen. Zoiets kan toch alleen Claus, of Céline, die heb ik ook bij me.
Vader en ik hebben, toen we dit Zeeuwse huisje betraden, elk ons eigen plaatsje ingericht in de woonkamer. Ik wijk niet meer van mijn tafel en stoel. De zee vlakbij, het land dat er vlak en verlaten bij ligt, ’t kan me allemaal gestolen worden. Ik geef alleen nog iets om het dikke paard (‘’t Is een Belg,’ zegt de Zeeuw) dat nu en dan voorbij wandelt alsof het iets zoekt maar niet goed weet wat.
Er is hier iets leuks: voor ik aan tafel ga zitten, trek ik de lamp een beetje naar beneden uit het plafond, alsof ik een chirurg ben die aan het werk gaat, maar dan met meer precisie en met grotere gevolgen voor de handbewegingen. Nee hoor, zo denk ik er niet over. Ik vind het altijd moeilijk het bestaan van kunst te verdedigen. Daaraan herken je een fascist. Of een dommerik, je kan kiezen.
Nu is het al 2006 en niemand had me ooit gezegd dat mijn leven er in 2006 zo zou uitzien. Ik ben helemaal niet voorbereid! Er is geen plan! Geen fases en geen stappen, geen schema of structuur. Gewoon, baf, een hoop toekomst, tenminste, daar ga je vanuit. Een hoop toekomst. Vul maar iets in, maakt niet uit! Ik wist helemaal niet dat ik hier vandaag op een Brussels kamertje een tekst zou zitten afwerken. Ik had niet in de gaten dat ik bij haar zou zijn. Ik heb het niet zien aankomen dat ik vacaturesites zou afschuimen, ik wist niet dat hij en zij en hij mijn vrienden zouden zijn en, bij Toutatis, ik wist niet dat mijn fiets gestolen zou worden op kerstmis. ’t Is gewoon een grote improvisatieshow. Je hebt je maar aan te passen. Nu en dan kan je zelf een beetje sturen, maar als je eerlijk bent, moet je toegeven dat het leven een loopje met je neemt. Het is dus kwestie van goede stapschoenen aan te trekken en op weg te gaan. Daarom, en dat is voor de verandering eens de volledige waarheid, kijk ik altijd naar de schoenen van mensen die ik ontmoet. Daar kan je soms veel uit afleiden.
Vader en ik hebben, toen we dit Zeeuwse huisje betraden, elk ons eigen plaatsje ingericht in de woonkamer. Ik wijk niet meer van mijn tafel en stoel. De zee vlakbij, het land dat er vlak en verlaten bij ligt, ’t kan me allemaal gestolen worden. Ik geef alleen nog iets om het dikke paard (‘’t Is een Belg,’ zegt de Zeeuw) dat nu en dan voorbij wandelt alsof het iets zoekt maar niet goed weet wat.
Er is hier iets leuks: voor ik aan tafel ga zitten, trek ik de lamp een beetje naar beneden uit het plafond, alsof ik een chirurg ben die aan het werk gaat, maar dan met meer precisie en met grotere gevolgen voor de handbewegingen. Nee hoor, zo denk ik er niet over. Ik vind het altijd moeilijk het bestaan van kunst te verdedigen. Daaraan herken je een fascist. Of een dommerik, je kan kiezen.
Nu is het al 2006 en niemand had me ooit gezegd dat mijn leven er in 2006 zo zou uitzien. Ik ben helemaal niet voorbereid! Er is geen plan! Geen fases en geen stappen, geen schema of structuur. Gewoon, baf, een hoop toekomst, tenminste, daar ga je vanuit. Een hoop toekomst. Vul maar iets in, maakt niet uit! Ik wist helemaal niet dat ik hier vandaag op een Brussels kamertje een tekst zou zitten afwerken. Ik had niet in de gaten dat ik bij haar zou zijn. Ik heb het niet zien aankomen dat ik vacaturesites zou afschuimen, ik wist niet dat hij en zij en hij mijn vrienden zouden zijn en, bij Toutatis, ik wist niet dat mijn fiets gestolen zou worden op kerstmis. ’t Is gewoon een grote improvisatieshow. Je hebt je maar aan te passen. Nu en dan kan je zelf een beetje sturen, maar als je eerlijk bent, moet je toegeven dat het leven een loopje met je neemt. Het is dus kwestie van goede stapschoenen aan te trekken en op weg te gaan. Daarom, en dat is voor de verandering eens de volledige waarheid, kijk ik altijd naar de schoenen van mensen die ik ontmoet. Daar kan je soms veel uit afleiden.

<< Home