Friday, February 03, 2006

Stilte, tolerantie en de Blokken van Bordewijk

Hoe het was begonnen herinnerde niemand zich meer. Het had iets te maken met Denemarken en een cartoon. Het was natuurlijk al lang daarvoor begonnen, maar gesterkt door de laffe houding van linkse en rechtse journalisten en politici, die geen ruzie durfden maken met de moslimwereld, was ook in Europa een groep opgestaan die net als in de VS de moral majority werd gedoopt. Het begon met de moslims, maar alle andere overgevoelige groepen roerden zich nu, en zo ontstond een vreemde coalitie van religieuze (en andere) extremisten. In België werd deze handig binnengehaald door het Vlaams Belang dat razendsnel begreep hoe het er politiek garen bij kon spinnen.
Politieke commentators, zelfverklaarde Wetstraatanalisten en alle andere niet-Belangers in het politieke strijdveld waren verbijsterd toen bij de gemeenteraadsverkiezingen van 2006 bleek dat het Vlaams Belang probleemloos de stemmen had gewonnen van moslims, gematigde (voorheen CdenV-)christenen en heel veel linksen die gefrustreerd liepen met hun engagement voor de Derde Wereld, die maar niet scheen te begrepen dat zij weliswaar westerling waren maar toch aan haar kant stonden.
Dit vormde dan weer de aanleiding tot een monsterverbond van moslims en joden (die voortaan als Joden gespeld wilden worden), de Kerk en de Grijze Wolven, Falun Gong-ers en Getuigen van Jehova. Samen gingen ze op de barricaden staan om, zoals ze zeiden, het evenwicht tussen fatsoen en vrijheid te herstellen. Keer op keer werden journalisten, politici, cartoonisten en andere mensen met een stem geïntimideerd, resulterend in de (georganiseerde) rellen van 24 december 2007, bekend als de Val van Gent, toen het huis van Kamagurka in brand werd gestoken en de man op straat werd doodgeknuppeld. Tegen die tijd hadden vele leden van de intelligentsia het land ontvlucht, zodat een dag later de stille optocht noodgedwongen in het buitenland moest plaatsvinden. Degenen die waren gebleven, durfden in dit klimaat de rellen niet veroordelen; De Morgen maakte uiteraard vermelding van het incident, maar in zijn Standpunt schreef Yves Desmet over de lokale economische gevolgen van de verhuizing van het Europees Parlement naar Boedapest. Ook politionele reacties bleven uit. Aangemoedigd door deze stilte nam het Vlaams Belang, dat zich op zijn website nog steeds islamofoob noemde doch waarvan de leiders steeds vaker gezamenlijke persconferenties met religieuze leiders belegden, nog meer het voortouw in de strijd om wie het politiek correctst kon zijn.
De vegetaristen haalden hun slag thuis met de wet die bepaalde dat de vleesafdeling van een winkel voortaan in een aparte ruimte moest worden ingericht, terwijl de Boerenbond de achterban tevreden hield door uit te pakken met de belofte van de voornaamste nieuwskanalen om geen aandacht meer te besteden aan niet-letale dioxinebesmettingen, wat tegen die tijd sowieso niet langer voorpaginanieuws was.
Youp van ’t Hek was dan al van de buis verdwenen, nog het meest uitgespuwd door zijn eigen publiek, dat niet langer een spiegel voorgehouden wenste te krijgen.
In een dronken bui meenden ook enkele leden van de paleiswacht hun steentje te moeten bijdragen: Geert Hoste lag bijna een jaar in het ziekenhuis en zou nooit meer kunnen lopen. De militaire vakbond was toen al een officieus partijorgaan van het Belang, en de verdachten, die nochtans tijdens een live-talkshow hun daden hadden toegelicht, werden niet in staat van beschuldiging gesteld.
Gezien de enorme toename van zwaarlijvigen was het voor het Belang andermaal een schot in de roos toen het de strijd aanbond met Dikkie Dik. Het had eerder ook al de ouders van verongelukte kinderen gesteund in hun protest tegen Snelle Eddy.

Maar toen ook Dikkie Dik van het scherm verdween, groeide de onvrede met het schrale televisieaanbod. Er viel niet veel meer te lachen op tv, en zoals iemand terecht stelde: ‘Waar moeten we anders lachen?’ Sommigen herinnerden zich toen de woorden van enkele onheilsprofeten, nog niet zo lang geleden. Ze hadden gezegd dat elke vorm van humor gebaseerd is op conflict, en dat in een koninkrijk zonder nar snel de oorlog wordt verklaard.