wind of change
Och ja, in het begin was er protest. Maar zo gaat dat altijd met grootse ideeën. Kleinlinks was ertegen, die zijn altijd tegen alles. Een vreselijke inbreuk op de vrijheid en gelijkheid, zeiden ze. Ze organiseerden hun traditionele betogingsfeestjes en debatten en dat soort zever waar gelukkig nooit veel volk op afkomt.
Er was veel aandacht voor, en de krantencommentaren waren aanvankelijk vernietigend, maar ach, wie leest die? Iedereen was vooral nieuwsgierig. Als het een succes zou worden, zouden ze ons toejuichen en kopiëren en als het faliekant afliep, zouden ze zeggen dat we immorele schoften waren. Maar dat is politiek.
Ik moet zeggen, het verraste mij ook dat Gent ermee begon. Hoewel, eigenlijk klopt dat ook weer niet. Ik herinner mij dat er in de jaren negentig iets in de krant stond over Londen, waar bedelaars in combi’s weggevoerd werden uit de stadskern. Al valt dat natuurlijk amper te vergelijken met het Gentse experiment.
Tja, Gent is altijd rebels geweest, hé. De Internationale is hier toch ook geschreven? Logisch dus dat een ander revolutionair idee hier kon ontstaan. ‘Wind of change,’ heeft de burgemeester het genoemd, want dat was een echte progressist, een socialist zoals je er niet veel meer vindt: een man met een duidelijke visie, niet bang om tegen de haren van zijn achterban in te strijken.
We begonnen met ongeveer driehonderd mensen, een tachtigtal huishoudens, verspreid over de hele stad. Het gebeurde in alle stilte, want dat was voor de pers er lucht van had gekregen. ’t Was aanvankelijk inderdaad een geheim experiment, enkel de burgemeester en eigen schepenen en enkele betrokken ambtenaren en agenten waren op de hoogte. De mensen kregen bericht op de eerste van de maand en tegen het einde van de maand moest alles geregeld zijn. Wel, ik zeg u, het verliep vlekkeloos. Twee maanden later hebben we meteen zeshonderd mensen Gent uitgezet. Dat ging al even vlot, al kregen we toen enkele meldingen van landloperij uit de omliggende gemeenten. Maar enkele ritten naar verschillende provincies losten dat probleem netjes op.
Wij hebben al die mensen van in het begin nauwgezet gevolgd. En onze voorspellingen zijn perfect uitgekomen: geen enkel gezin had het nadien slechter dan toen ze nog in Gent zaten. Ze woonden nog steeds in hetzelfde soort krotten, waren werkloos en asociaal. Natuurlijk is het niet goed in zulke omstandigheden te leven, maar precies daarom hadden wij dit initiatief genomen, begrijp je? Je kan niet voor iedereen meteen goed doen.
Kijk liever eens naar de gevolgen voor Gent: de panden die leeg kwamen te staan, hebben we onmiddellijk opgevorderd –we hadden natuurlijk enkele voorakkoorden met eigenaars; zoals u weet mag de stad bij verwaarlozing van een pand tot gedwongen verhuur overgaan voor een periode van zeven jaar, welnu, daar maakten we handig gebruik van. We gingen onmiddellijk aan de slag en maakten van die krotten leefbare en betaalbare woningen. ’t Was een grote investering hoor, want we wilden elk huis zo snel mogelijk renoveren. We hadden vooraf Oost-Europeanen laten overkomen, voor elk huis hadden we twee teams zodat er non-stop gewerkt kon worden.
Het doel was om tienduizend mensen weg te krijgen, maar al na negen maanden, toen amper drieduizend mensen uit Gent vertrokken waren, wierp het experiment vruchten af. Ongelooflijk dat de woningnood op zo’n korte tijd merkelijk daalde. Vooral de armere wijken –en dus ook de mensen die er woonden- voeren wel bij die opwaardering. Zoals ik al zei, je kan niet meteen voor iedereen goed doen. Maar wel op langere termijn. En dat is een goede politiek voeren.
Er kwam wel wat protest van jaloerse gemeentebesturen die kloegen dat wij Gents overlast exporteerden. Maar nergens steeg de criminaliteit of marginaliteit merkbaar. Die mensen verspreidden zich hé, en wat zijn een paar duizend mensen nu over het hele land.
We realiseerden dus een groot aantal nieuwe mooie woningen maar besteedden ook aandacht aan groene zones, ruimte voor kmo’s... De stad kreeg plots heel wat zuurstof. En precies op dat moment, toen niemand van de oppositie of kritische pers de positieve gevolgen voor de stad nog kon negeren, precies op dat moment lanceerde de burgemeester zijn voorstel waardoor hij later premier is geworden. ‘Gent heeft het goede voorbeeld gegeven,’ zei hij. ‘Nu is het de beurt aan de andere steden om van ons beleid te profiteren.’ Eind 2006 zette Gent zeer genereus de uitwijzingen stop. 2007 was voor Antwerpen. Brussel in 2008. Enzovoort. Er zou altijd over gewaakt worden dat de rest van het land niet teveel armoede over zich heen kreeg.
En het resultaat is bekend: de armen bleven even arm, van hen werd alleen de minimale inspanning gevraagd elders arm te zijn. En de steden kregen een na een fenomenale injecties van ruimte, vrijgekomen financiële steunmiddelen en meeropbrengsten door economische groei en huurgelden.
Er zijn toen voorstellen gerezen om het idee te internationaliseren. De premier heeft daar bedenkingen bij geuit. Dat het weliswaar ook buiten België kon toegepast worden, maar dat een aanpak op het niveau van de stad waarschijnlijk het beste bleef.
In Frankrijk werkte het ook. In de VS waren er teveel armen en ging het effect verloren; in de kleinere steden ging het beter. In Duitsland werkten ze wijk per wijk, wat de hyperlokale verschillen teveel in de verf zette, met de rellen van Stuttgart als gevolg. Daarna werkten ze ook stedelijk, netjes verspreid over alle wijken tegelijk, zoals het Gentse model. Toen werkte het daar ook. We zijn er allemaal beter van geworden.
Er was veel aandacht voor, en de krantencommentaren waren aanvankelijk vernietigend, maar ach, wie leest die? Iedereen was vooral nieuwsgierig. Als het een succes zou worden, zouden ze ons toejuichen en kopiëren en als het faliekant afliep, zouden ze zeggen dat we immorele schoften waren. Maar dat is politiek.
Ik moet zeggen, het verraste mij ook dat Gent ermee begon. Hoewel, eigenlijk klopt dat ook weer niet. Ik herinner mij dat er in de jaren negentig iets in de krant stond over Londen, waar bedelaars in combi’s weggevoerd werden uit de stadskern. Al valt dat natuurlijk amper te vergelijken met het Gentse experiment.
Tja, Gent is altijd rebels geweest, hé. De Internationale is hier toch ook geschreven? Logisch dus dat een ander revolutionair idee hier kon ontstaan. ‘Wind of change,’ heeft de burgemeester het genoemd, want dat was een echte progressist, een socialist zoals je er niet veel meer vindt: een man met een duidelijke visie, niet bang om tegen de haren van zijn achterban in te strijken.
We begonnen met ongeveer driehonderd mensen, een tachtigtal huishoudens, verspreid over de hele stad. Het gebeurde in alle stilte, want dat was voor de pers er lucht van had gekregen. ’t Was aanvankelijk inderdaad een geheim experiment, enkel de burgemeester en eigen schepenen en enkele betrokken ambtenaren en agenten waren op de hoogte. De mensen kregen bericht op de eerste van de maand en tegen het einde van de maand moest alles geregeld zijn. Wel, ik zeg u, het verliep vlekkeloos. Twee maanden later hebben we meteen zeshonderd mensen Gent uitgezet. Dat ging al even vlot, al kregen we toen enkele meldingen van landloperij uit de omliggende gemeenten. Maar enkele ritten naar verschillende provincies losten dat probleem netjes op.
Wij hebben al die mensen van in het begin nauwgezet gevolgd. En onze voorspellingen zijn perfect uitgekomen: geen enkel gezin had het nadien slechter dan toen ze nog in Gent zaten. Ze woonden nog steeds in hetzelfde soort krotten, waren werkloos en asociaal. Natuurlijk is het niet goed in zulke omstandigheden te leven, maar precies daarom hadden wij dit initiatief genomen, begrijp je? Je kan niet voor iedereen meteen goed doen.
Kijk liever eens naar de gevolgen voor Gent: de panden die leeg kwamen te staan, hebben we onmiddellijk opgevorderd –we hadden natuurlijk enkele voorakkoorden met eigenaars; zoals u weet mag de stad bij verwaarlozing van een pand tot gedwongen verhuur overgaan voor een periode van zeven jaar, welnu, daar maakten we handig gebruik van. We gingen onmiddellijk aan de slag en maakten van die krotten leefbare en betaalbare woningen. ’t Was een grote investering hoor, want we wilden elk huis zo snel mogelijk renoveren. We hadden vooraf Oost-Europeanen laten overkomen, voor elk huis hadden we twee teams zodat er non-stop gewerkt kon worden.
Het doel was om tienduizend mensen weg te krijgen, maar al na negen maanden, toen amper drieduizend mensen uit Gent vertrokken waren, wierp het experiment vruchten af. Ongelooflijk dat de woningnood op zo’n korte tijd merkelijk daalde. Vooral de armere wijken –en dus ook de mensen die er woonden- voeren wel bij die opwaardering. Zoals ik al zei, je kan niet meteen voor iedereen goed doen. Maar wel op langere termijn. En dat is een goede politiek voeren.
Er kwam wel wat protest van jaloerse gemeentebesturen die kloegen dat wij Gents overlast exporteerden. Maar nergens steeg de criminaliteit of marginaliteit merkbaar. Die mensen verspreidden zich hé, en wat zijn een paar duizend mensen nu over het hele land.
We realiseerden dus een groot aantal nieuwe mooie woningen maar besteedden ook aandacht aan groene zones, ruimte voor kmo’s... De stad kreeg plots heel wat zuurstof. En precies op dat moment, toen niemand van de oppositie of kritische pers de positieve gevolgen voor de stad nog kon negeren, precies op dat moment lanceerde de burgemeester zijn voorstel waardoor hij later premier is geworden. ‘Gent heeft het goede voorbeeld gegeven,’ zei hij. ‘Nu is het de beurt aan de andere steden om van ons beleid te profiteren.’ Eind 2006 zette Gent zeer genereus de uitwijzingen stop. 2007 was voor Antwerpen. Brussel in 2008. Enzovoort. Er zou altijd over gewaakt worden dat de rest van het land niet teveel armoede over zich heen kreeg.
En het resultaat is bekend: de armen bleven even arm, van hen werd alleen de minimale inspanning gevraagd elders arm te zijn. En de steden kregen een na een fenomenale injecties van ruimte, vrijgekomen financiële steunmiddelen en meeropbrengsten door economische groei en huurgelden.
Er zijn toen voorstellen gerezen om het idee te internationaliseren. De premier heeft daar bedenkingen bij geuit. Dat het weliswaar ook buiten België kon toegepast worden, maar dat een aanpak op het niveau van de stad waarschijnlijk het beste bleef.
In Frankrijk werkte het ook. In de VS waren er teveel armen en ging het effect verloren; in de kleinere steden ging het beter. In Duitsland werkten ze wijk per wijk, wat de hyperlokale verschillen teveel in de verf zette, met de rellen van Stuttgart als gevolg. Daarna werkten ze ook stedelijk, netjes verspreid over alle wijken tegelijk, zoals het Gentse model. Toen werkte het daar ook. We zijn er allemaal beter van geworden.

<< Home